Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Belastingtarief

Onderdeel van Verordening binnenhavengelden 2014

1 Het binnenhavengeld wordt geheven naar de tarieven, die zijn opgenomen in de tabel, zulks met inachtneming van daarin gegeven aanwijzingen en bijzondere bepalingen en van het in de volgende leden bepaalde. 2 De in de tabel genoemde tarieven zijn inclusief omzetbelasting, indien en voor zover deze op grond van de Wet op de Omzetbelasting 1968 is verschuldigd. 3 Voor de toepassing van de tarieven: a geldt als laadvermogen in tonnen van een vaartuig, het aantal tonnen zoals dat blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief; b geldt in afwijking van het bepaalde in onderdeel a voor een vissersschip het aantal vierkante meters; c wordt de oppervlakte van een vaartuig gesteld op het produkt van de lengte over alles en de grootste breedte, mits deze blijken uit de bij het vaartuig behorende meetbrief; d wordt de lengte van een vaartuig gesteld op de lengte over alles, zoals die blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief; e wordt, in afwijking van het in de onderdelen a, c en d bepaalde, het laadvermogen in tonnen dan wel de grootste breedte en/of lengte over alles ambtshalve vastgesteld indien de in de onderdelen a, c en d bedoelde meetbrief niet wordt overgelegd of indien deze de vereiste gegevens niet vermeldt; f wordt een gedeelte van een eenheid van inhoud, van massa, van oppervlakte of van lengte voor een volle eenheid gerekend; g wordt de termijn steeds op de kortste van de in de tabel voor het betreffende soort vaartuig genoemde termijn gesteld tenzij voor een langere termijn aangifte is gedaan.

Rechtspraak bij dit artikel