Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
1. perceel: een gebouwde onroerende zaak, of een gedeelte ervan, die blijkens indeling en inrichting bestemd is om als afzonderlijk geheel door een particuliere huishouding te worden gebruikt;
Met perceel wordt gelijk gesteld: een stacaravan, een woonboot, een woonwagen en een demontabel zomer- of vakantiehuisje, indien gebruikt door een particuliere huishouding;
2. groep van percelen: een groep van meerdere percelen, waar gemeenschappelijk gebruik wordt gemaakt van een of meerdere mono-bakken;
3. kalenderweek: een aaneengesloten periode van zeven dagen, beginnende met een maandag en eindigend met een zondag;
4. container: het van gemeentewege voor de inzameling van groente-, fruit- en tuinaval en/of restafval verstrekt inzamelmiddel in de vorm van een 40 liter rollbox, 180 liter duo-bak of 240 liter duo-bak of 240 liter mono-bak;
5. huishoudelijk afval: afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, afvalwater en autowrakken daaronder niet begrepen, behoudens of voor zover het afgegeven of ingezamelde bestanddelen van die afvalstoffen betreffen, die zijn aangewezen als gevaarlijke stoffen;
6. medische indicatie: een schriftelijke verklaring van een huisarts, medisch specialist of apotheker waaruit blijkt dat als gevolg van een ziekte of handicap extra afval moet worden aangeboden;
7. gebruik maken: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet mileubeheer;
8. bedrijfsafval: afvalstoffen afkomstig van bedrijven en instellingen, niet zijnde gft-bedrijfsafval, die de periodieke inzameldienst in containers kunnen worden aangeboden en tegelijkertijd met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen kunnen worden meegenomen.
Hoofdstuk 1
Artikel 2
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2014