**1..** Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegde gezag een houtopstand te vellen of te doen vellen anders dan bij wijze van dunning.
**2..** Dit verbod is niet van toepassing op:
wegbeplantingen en éénrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voor zover bestaande uit populieren of wilgen, tenzij deze zijn geknot;
vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;
fijnsparren, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
kweekgoed;
een alleenstaande boom waarvan de stam op een hoogte van 1.30 meter boven het maaiveld een omtrek heeft van 65 centimeter of minder, tenzij zodanige boom is geplant ingevolge een herplantplicht als bedoeld in artikel 4:11A, tweede lid, of artikel 4:11D;
een alleenstaande wilg, - populier, - ceder, - douglas, - berk en - fijnspar waarvan de stam op een hoogte van 1.30 meter boven het maaiveld een omtrek heeft van 95 centimeter of minder, tenzij zodanige boom is geplant ingevolge een herplantplicht als bedoeld in artikel 4:11A, tweede lid, of artikel 4:11D van deze verordening;
houtopstand buiten de bebouwde kom die
een zelfstandige eenheid vormt en;
een grotere oppervlakte dan tien are beslaat of
ingeval van een rijbeplanting, gerekend over het totaal aantal rijen, meer dan twintig bomen omvat;
houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantgezondheidswet of krachtens een aanschrijving of last van het bevoegd gezag;
het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het reguliere onderhoud.
**3..** Het college kan bepaalde gebieden aanwijzen, waar het verbod niet geldt.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4:11
Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2014 (APV)