**1..** De vergunning of ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd in het belang van:
de openbare orde;
de openbare veiligheid;
de volksgezondheid;
de bescherming van het milieu.
**2..** Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als:
de aanvraag daarvoor minder dan drie weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is;
het aantal aanvragen groter is dan het aantal beschikbare vergunningen of ontheffingen.
**3..** Voor bepaalde, door het bestuursorgaan aan te wijzen, vergunningen of ontheffingen kan de in het tweede lid, onderdeel a, genoemde termijn worden verlengd tot ten hoogste twaalf weken.
** 4. .** Het college kan nadere regels stellen voor de verdeling van de in het tweede lid, onderdeel b, bedoelde vergunningen en ontheffingen.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1:8
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2014 (APV)