**1..** Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs, een
speciale school voor basisonderwijs bezoekt, van wie het inkomen tezamen
meer bedraagt dan € 22.500,-- wordt slechts een bekostiging verstrekt
voorzover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het
openbaar vervoer over de in artikel 12 bepaalde afstand te boven
gaan.
**2..** In geval het college in plaats van een bekostiging in geld toe te kennen
het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders van
een leerling die een school voor basisonderwijs, een speciale school
voor basisonderwijs of een school voor speciaal (voortgezet) onderwijs
bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is
aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 12 bepaalde
afstand, indien het inkomen van de ouders meer bedraagt dan €
22.500,--.
**3..** De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid,
betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de
zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 30, eerste lid,
van de Wet personenvervoer, voor de afstand redelijkerwijs zouden worden
gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het
daadwerkelijk gebruik ervan.
**4..** Het bedrag van € 22.500,-- genoemd in het eerste en tweede lid, wordt
met ingang van 1 januari 2010 aangepast aan de wijziging die het
indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft
ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar, en afgerond op een
veelvoud van € 450,--. Het aangepaste bedrag treedt in de plaats van het
in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 22.500,--.
**5..** Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie ingevolge
titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.