Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Verordening Wet kinderopvang 2009

1.. De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is genomen. 2.. Als op de in het eerste lid genoemde datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de kinderopvang zal plaatsvinden. 3.. Het college kan in afwijking van het gestelde in het eerste lid besluiten de tegemoetkoming toe te kennen vanaf een datum die ligt voor de datum waarop de aanvraag in ontvangst is genomen, mits de aanvraag binnen een redelijke termijn na de start van de kinderopvang is ontvangen. 4.. De in het derde lid genoemde redelijke termijn bedraagt ten hoogste 60 kalenderdagen.

Rechtspraak bij dit artikel