Naar hoofdinhoud
1.. De cliënt die verblijft in de maatschappelijke opvang (waaronder begeleid zelfstandig wonen), vrouwen- of mannenopvang draagt bij in de kosten. 2.. De bijdrage is verschuldigd voor iedere dag dan wel nacht waarop de cliënt verblijft in de maatschappelijke opvang, vrouwen- of mannenopvang. 3.. Het eerste lid geldt niet voor: safehouse; stoelenproject; winterkoudeopvang. 4.. Het eerste lid geldt wel voor de crisisopvang, met terugwerkende kracht wanneer de cliënt langer dan tien dagen in de opvang verblijft. Artikel 3 1.. Het college stelt nadere regels vast ten aanzien van de hoogte, de vaststelling en de betaling van de bijdrage. 2.. Bij het bepalen van de hoogte van de bijdrage kan het college verschil maken tussen verschillende voorzieningen en bijkomende diensten die instellingen aan het verblijf koppelen. 3.. Het college kan regels stellen ter verrekening van vorderingen als bedoeld in artikel4.8 van het Besluit Maatschappelijke ondersteuning. 4.. Het college stelt de hoogte van de bijdrage vast, met inachtneming van de dan geldende bijstandsnormen en de norm voor persoonlijke uitgaven. Wanneer deze normen worden bijgesteld, worden de bedragen automatisch en zonder nader besluit van het college hieraan aangepast. 5.. Het college kan in aanvulling op deze verordening een lijst laten vaststellen met locaties en plekken waar eigen bijdrage wordt geheven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel