1. De gemeenteraad ontslaat de leden.
2. Het lidmaatschap van een raadslid eindigt:
a. op eigen verzoek;
b. indien het lid aftreedt als lid van de raad dan wel deel gaat uitmaken van een commissie waaraan bestuursbevoegdheden zijn toegekend;
c. indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt is de functie van lid van de rekenkamercommissie te vervullen.
3. Het lidmaatschap van een extern lid eindigt:
a. op eigen verzoek;
b. bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie;
c. wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;
d. indien het bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld,
in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld;
e. door tijdsverloop van vier jaar;
4. De externe leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden ontslagen bij gebleken ongeschiktheid en wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn hun functie te vervullen.