Het college biedt de inburgeringsplichtige als bedoeld in artikel X, lid 3 van de Wet inburgering 2013 een inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening aan, te weten aan:
de houder van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 en;
de geestelijke bedienaar bedoeld in artikel 1 onderdeel g van de Wet, die geen oudkomer is als bedoeld in artikel 1, onderdeel c. van de Wet, voor zover deze uiterlijk op 31 december 2012 inburgeringsplichtig is geworden en niet eerder een aanbod van het college heeft ontvangen.