Naar hoofdinhoud

Afdeling II

Artikel 12

Intrekken of wijzigen parkeervergunning

Onderdeel van Verordening parkeervergunningen De Ronde Venen 2007

1.. Het college kan een parkeervergunning intrekken of wijzigen: op verzoek van de vergunninghouder; wanneer de vergunninghouder het gebied, waarvoor de parkeervergunning is verleend, metterwoon verlaat of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt; wanneer er zich een wijziging voordoet in één van de omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de parkeervergunning; wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van parkeervergunningen komt te vervallen; wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de parkeervergunning verbonden voorschriften en beperkingen; wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de parkeervergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt; om redenen van openbaar belang. 2.. Indien een parkeervergunning is ingetrokken op grond van lid 1 onderdeel e of f wordt een aanvraag voor een parkeervergunning, die binnen 365 dagen na intrekking wordt ingediend door de houder van de ingetrokken vergunning, geweigerd.

Rechtspraak bij dit artikel