Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II. › Paragraaf 1De

Artikel 3

Aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument

Onderdeel van Monumentenverordening De Ronde Venen 1998

1.. Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een onroerend monument aanwijzen als beschermd gemeentelijk monument. 2.. Voordat burgemeester en wethouders over de aanwijzing een besluit nemen, vragen zij advies aan de monumentencommissie. In spoedeisende gevallen kan het vragen van dit advies achterwege blijven. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen ter voorbereiding op hun beslissing tot aanwijzing van een onroerend monument als beschermd gemeentelijk monument, bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt verricht. 4.. Voordat burgemeester en wethouders een kerkelijk monument aanwijzen, voeren zij overleg met de eigenaar. 5.. De aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument kan geen monument betreffen dat is aangewezen op grond van artikel 3 van de Monumentenwet 1988 of dat is aangewezen op grond van de monumentenverordening van de provincie Utrecht.

Rechtspraak bij dit artikel