Onverminderd artikel 2, lid 2, wordt de verlaging vastgesteld op:
tien procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie;
twintig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie;
vijftig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie;
honderd procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de vierde categorie;
honderd procent van de bijstandsnorm gedurende drie maanden bij gedragingen van de vijfde categorie.
Hoofdstuk 2.
Artikel 9
De hoogte en duur van de verlaging
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand De Ronde Venen 2007