Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2

lid 1

Onderdeel van Verordening Meedoenpremies gemeente Tynaarlo 2013

Tot de doelgroep voor een meedoenpremie behoort de inwoner die een inkomen heeft dat niet hoger is dan 110% van de bijstandsnorm en/of een vermogen bezit dat niet hoger is dan het vrij te laten vermogen zoals bedoeld in artikel 34 van de Wet werk en bijstand en die: ouder is van een schoolgaand(e) kind(eren) in het basisonderwijs of het voortgezet onderwijs; 65 jaar of ouder is; chronisch ziek/ gehandicapt en 18 tot 21 jaar. Artikel 2 lid 2 Personen die zijn opgenomen in een inrichting of een vergelijkbare instelling komen niet in aanmerking voor de meedoenpremie Hoogtemeedoenpremie Artikel 3 1.De meedoenpremie bedraagt voor een belanghebbende zoals bedoeld in artikel 2 aanhef en onder a: € 210,00 per schooljaar voor ieder kind dat basisonderwijs volgt; € 520,00 voor ieder kind dat start in het voortgezet onderwijs en vervolgens ieder schooljaar dat het kind voortgezet onderwijs volgt € 210,00; 2.Aan de belanghebbende die in aanmerking komt voor de meedoenpremie als bedoeld in lid 1 aanhef en onder b kan een laptop en een internetaansluiting worden verstrekt als: in het huishouden geen computer of printer aanwezig is of de aanwezige computer of printer ouder is dan vijf jaar; er nog niet is voorzien in een internetaansluiting Een aanvrager kan slechts eenmaal binnen een periode van vijf jaar in aanmerking komen voor een laptop, printer en internetabonnement. Het internetabonnement wordt voor een door het dagelijks bestuur van de ISD vooraf bepaalde tijd verstrekt. Indien het schoolgaande kind meerdere woonadressen heeft wordt de laptop slechts voor één adres verstrekt De meedoenpremie bedraagt voor een belanghebbende als bedoeld in artikel 2 aanhef en onder b en c per kalenderjaar een bedrag ter hoogte van de langdurigheidstoeslag als bedoeld in artikel 3 lid 1 en 4 van de Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en Bijstand De meedoenpremie bedraagt voor een belanghebbende zoals bedoeld in artikel 2. aanhef en onder b per kalenderjaar een bedrag ter hoogte van de langdurigheidstoeslag als bedoeld in artikel 36 lid 5 WWB. 7.De belanghebbende als bedoeld in artikel 2 aanhef en onder b en c komt niet in aanmerking voor de meedoenpremie als reeds in het betreffende kalenderjaar een langdurigheidstoeslag is of kan worden ontvangen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel