Het beheer van de in artikel 1 lid 1a bedoelde muziekschool omvat in
ieder geval:
het stellen van gebruiksregels voor de accommodatie en de
muziekinstrumenten die door of namens het college voor het geven
van muziekonderwijs beschikbaar zijn gesteld,
het opstellen van een rooster voor het gebruik van de onder
artikel 1 lid 1d bedoelde accommodatie,
het regelen van de voorwaarden waaronder muziekdocenten gebruik
mogen maken van de accommodatie,
het stellen van eisen omtrent de toelating van leerlingen tot de
diverse vormen van muziekonderwijs,
het regelen van de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de
werving van leerlingen en de docenten zal geschieden,
het nemen van beslissingen omtrent de toelating van leerlingen
en docenten, zulks met inachtneming van de onder artikel 3 lid 3
en 4 gestelde regels,
het stellen van regels ten aanzien van de
leerlingenadministratie,
het stellen van regels en het treffen van voorzieningen om de
continuïteit van het muziekonderwijs te garanderen,
het doen van aanbevelingen aan het college over het onderhoud en
de inrichting van de accommodatie,
het doen van aanbevelingen aan het college over de hoogte van de
lesgelden.