Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 11

Overgangsbepalingen

Onderdeel van Verordening toeslagen en verlagingen wet werk en bijstand 2008

1.. Indien voor het tijdstip van de datum van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag voor algemene bijstand op grond van de wet is ingediend en op de datum van de inwerkingtreding van deze verordening nog niet op de aanvraag is beslist, wordt de beslissing genomen op basis van deze verordening. 2.. Uiterlijk per 31 december 2008 vindt ten aanzien van een uitkeringsgerechtigde die voor de datum van de inwerkingtreding van deze verordening algemene bijstand op grond van de wet ontvangt, een herbeoordeling plaats aan de hand van de bepalingen van deze verordening. 3.. Tot het moment van de in het tweede lid genoemde herbeoordeling blijven ten aanzien van de uitkeringsgerechtigde die voor de datum van de inwerkingtreding van deze verordening algemene bijstand op grond van de wet ontving, de bepalingen van de “Toeslagenverordening Wet werk en bijstand 2004” van toepassing; 4.. Het gestelde in lid 3 is niet van toepassing voor de uitkeringsgerechtigde waarbij zich een wijziging in omstandigheden voordoet die leidt tot een aanpassing van de bijstandsnorm, de toeslag of verlaging van de bijstandsnorm. In een dergelijke situatie vindt de vaststelling van de toeslag en of verlaging van de bijstandsnorm plaats aan de hand van de bepalingen van deze verordening. 5.. Indien de in het tweede lid genoemde herbeoordeling leidt tot een verlaging van de uitkering, wordt, gerekend vanaf het moment dat het resultaat van de herbeoordeling aan de uitkeringsgerechtigde is medegedeeld, de hoogte van de uitkering gedurende 6 maanden gehandhaafd op het niveau zoals dat gold voor de herbeoordeling tenzij zich een wijziging voordoet die leidt tot aanpassing van de bijstandsnorm, toeslag of verlaging van de bijstandsnorm.

Rechtspraak bij dit artikel