De handelaar of een voor hem handelend persoon is verplicht:
wanneer hij overeenkomstig het bepaalde in artikel 473ter,
tweede lid, van het Wetboek van strafrecht, de burgemeester
of de door deze aangewezen ambtenaar er schriftelijk van in
kennis te stellen dat hij van het opkopen een beroep of
gewoonte maakt, waarbij hij tevens schriftelijk opgave doet
van zijn woonadres en van het volledig adres van elke
lokaliteit welke door hem ten behoeve van zijn onderneming
in gebruik is genomen;
de onder a bedoelde ambtenaar onder aanbieding van zijn
register(s) onverwijld doch in ieder geval binnen drie
dagen, schriftelijk in kennis te stellen van een bij hem ten
behoeve van zijn onderneming in gebruik zijnde lokaliteit;
aan de hoofdingang van de lokaliteit waar de onderneming is
gevestigd een kenteken te hebben aangebracht waarop zijn
naam en de aard van de onderneming duidelijk zichtbaar zijn
vermeld;
indien hij in de gelegenheid is enig goed te verkrijgen
waarvan redelijkerwijs kan worden vermoed dat het van enig
misdrijf afkomstig is of voor de rechthebbende verloren is
gegaan, hiervan onverwijld kennis te geven aan de onder a
bedoelde ambtenaar;
e. wanneer hij is opgehouden met het opkopen van goederen een beroep
of
gewoonte te maken, onderscheidenlijk het beroep van opkoper niet
langer
uitoefent, de onder a bedoelde ambtenaar hiervan onverwijld doch in
ieder geval
binnen drie dagen schriftelijk in kennis te stellen.
HOOFDSTUK 2 › AFDELING 12
Artikel 2:68
Voorschriften als bedoeld in artikel 437ter van het Wetboek van Strafrecht
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening (APV) voor de gemeente Dongen