Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:

Bevoegde personen bij mandaatverlening

Onderdeel van Algemeen Mandaat-, Volmacht- en Machtigingbesluit

1.. De aan de gemeentesecretaris toegekende bevoegdheden/verantwoordelijkheden worden bij afwezigheid toegekend aan de plaatsvervangend gemeentesecretaris. 2.. De functie van Algemeen Directeur, behorend bij de gemeentesecretaris, wordt waargenomen door de Directeur Bedrijfsvoering. Bij afwezigheid van de directeur Bedrijfsvoering wordt de functie waargenomen door de Algemeen Directeur. Toegekende bevoegdheden worden bij afwezigheid geacht te zijn toegekend aan de plaatsvervanger. 3.. Het aan een bepaalde functionaris opgedragen mandaat, volmacht of machtiging wordt geacht eveneens opgedragen te zijn aan diens leidinggevende en aan de door het college als zodanig benoemde plaatsvervanger. Daarnaast kunnen teamhoofden horizontaal worden vervangen door een teamhoofd van dezelfde afdeling. Managers worden vervangen door de teamhoofden van hun afdeling. 4.. Indien een bevoegdheid is uitgeoefend door een plaatsvervanger, dient dit in de ondertekening tot uitdrukking te worden gebracht door gebruikmaking van de woorden “bij afwezigheid” of ‘’plv (plaatsvervanger) ’’. 5.. Indien een bevoegdheid aan een externe functionaris wordt gemandateerd wordt daarmee het mandaat eveneens geacht te zijn opgedragen aan de manager van de betrokken functionele afdeling binnen de gemeentelijke organisatie.

Rechtspraak bij dit artikel