Een beslissing op een aanvraag voor een instemmingsbesluit wordt
genomen uiterlijk acht weken na de dag van ontvangst van de
aanvraag.
Betreft het een aanvraag waarbij meerdere gedoogplichtigen zijn
betrokken dan beslist het college van burgemeester en wethouders
binnen acht weken na de dag van ontvangst van de volledige aanvraag.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel,
houdt het college van burgemeester en wethouders de beslissing aan,
indien er in verband met de voorgenomen werkzaamheden een vergunning
als bedoeld in de Woningwet, de Wet Milieubeheer, de
bomenverordening of een omgevingsvergunning als bedoeld in de ‘Wet
algemene bepalingen Omgevingsrecht’ is vereist, tenzij de
beschikking op een aanvraag van genoemde vergunningen al is gegeven,
en de in artikelen 6:7 en 6:9 Algemene wet bestuursrecht genoemde
termijnen zijn verstreken zonder dat bezwaren zijn ingediend. Deze
aanhouding eindigt na afloop van de bezwarentermijn, tenzij er
bezwaren zijn ingediend en tevens is verzocht om een voorlopige
voorziening; in dat geval eindigt de aanhouding met ingang van de
dag nadat op dat verzoek is beslist.
Indien een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven,
deelt het college van burgemeester en wethouders dit schriftelijk
aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn
waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.
Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve
beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.
Hoofdstuk 2:
Artikel 7
Termijnen
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Heumen 2014