Onverminderd de eisen, die op grond van artikel 39, eerste lid van de Wet aan het saneringsplan worden gesteld, dienen in het saneringsplan de volgende gegevens te worden vermeld:
algemene gegevens:
het adres, de actuele kadastrale aanduiding (incl. datum) en een topografische kaart, waarop de ligging van het grondgebied waarop de verontreiniging zich bevindt, is aangegeven;
een kadastrale kaart (incl. datum en noordpijl) , die de actuele situatie weergeeft en waarop het geval van verontreiniging is aangegeven;
een actueel uittreksel van het kadaster, waaruit de huidige eigendomssituatie blijkt;
de naam en het adres van degene die een zakelijk of een persoonlijk recht heeft op het grondgebied, bedoeld onder 1.a.1, alsmede van de gebruiker daarvan;
de naam en het adres van de initiatiefnemer/opdrachtgever;
een op de ligging van het grondgebied waarop de verontreiniging zich bevindt betreking hebbende uitsnede uit de plankaart van het vigerende bestemmingsplan, alsmede de daarbij behorende bestemmingsplanvoorschriften;
een op de saneringslocatie betrekking hebbende kabels- en leidingenkaart;
een beknopte weergave van de resultaten van de uitgevoerde bodemonderzoeken;
een beschrijving van de verontreiniging, alsmede van de aard ervan, inclusief de
verontreinigingsactiviteit(en) en de periode waarin deze heeft (hebben) plaatsgevonden;
het voormalig,huidig en eventueel toekomstig gebruik van de locatie;
een beschrijving van de bodemkundige opbouw en de geohydrologische situatie;
een beschrijving van de wijze waarop de milieukundige begeleiding en controle van de
sanering plaatsvindt;
indien verontreinigde grond zal worden afgegraven of verontreinigd grondwater zal worden onttrokken de te verwachten hoeveelheid af te graven grond dan wel te onttrekken hoeveelheid grondwater;
de grootte van het totale oppervlak waarbij de interventiewaarde voor grond wordt overschreden;
de grootte van het totale volume waarbij de interventiewaarde voor grond en/ of grondwater wordt overschreden;
een ontgravingskaart en een grondwateronttrekkingskaart;
de randvoorwaarden en uitgangspunten, die aan de sanering worden gesteld;
een overzicht van alle benodigde vergunningen (sloop-, kap-, of lozingsvergunning), ontheffingen, meldingen of toestemmingen (van bijvoorbeeld derden) om de sanering te kunnen uitvoeren;
een overzicht van alle met de saneringswerkzaamheden verband houdende veiligheids- en arbeidshygiënische aspecten;
het tijdstip van de feitelijke aanvang van de saneringswerkzaamheden, de doorlooptijd van de (gefaseerde) saneringswerkzaamheden, alsmede ingeval van een gefaseerde sanering de verschillende fases en het daarbij behorende tijdsbestek per fase.
de te nemen maatregelen:
een beschrijving van de te treffen (geo)hydrologische en andere technische voorzieningen met de gekozen dimensionering en de invloed hiervan op de omgeving;
gegevens over de hoeveelheid, kwaliteit en herkomst van de eventueel te gebruiken aanvulgrond;
indien van toepassing een beschrijving van de wijze waarop de verschillende categorieën vrijkomende grond in depot worden gezet, inclusief een tekening waarop de plaats van het depot/ de depots staan aangegeven alsmede de beschermende voorzieningen.
Onverminderd het bepaalde in artikel 39, eerste lid van de Wet kan het vermelden in het saneringsplan van gegevens als bedoeld in het eerste lid achterwege blijven indien:
bij de indiening van het plan wordt aangegeven welke gegevens ontbreken;
daarbij de reden wordt aangegeven waarom die gegevens ontbreken, en
die gegevens, naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet noodzakelijk zijn voor de beoordeling van het saneringsplan.
Het eerste lid is niet van toepassing op een saneringsplan dat betrekking heeft op een sanering
van de bodem ten aanzien waarvan artikel 9, vijfde lid, van het Besluit tankstations milieubeheer van toepassing is.