**1.** Burgemeester en wethouders van de gemeenten in de provincie Utrecht verstrekken aan gedeputeerde staten systematische toezichtinformatie onder overlegging van de hierna, onder a tot en met c genoemde, door het dagelijks bestuur vastgestelde, (jaar)documenten op het gebied van toezicht en handhaving, milieu, bouwen en ruimtelijke ordening. Uit de informatie moet duidelijk blijken of de in deze documenten beschreven toezichts- en handhavingstaken zijn uitgevoerd conform de kwaliteitscriteria die zijn opgenomen in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en het daarop gebaseerde Besluit omgevingsrecht (BOR). Daarnaast wordt bij de informatieverstrekking in het bijzonder aandacht besteed aan de risicothema’s asbestregelgeving, brandveiligheid bij opslag van gevaarlijke stoffen, constructieve veiligheid en brandveiligheid, verontreinigde grond en risicovolle inrichtingen:
het handhavingsbeleid, bedoeld in artikel 7.2 van het BOR, inclusief vaststellingsbesluit;
het uitvoeringsprogramma, bedoeld in artikel 7.3 van het BOR; inclusief vaststellingsbesluit;
de rapportages, bedoeld in artikel 7.7, eerste en tweede lid, van het BOR, inclusief vaststellingsbesluit.
**2.** Naast de in het eerste lid genoemde documenten worden de volgende gegevens verstrekt:
het aantal handhavingsverzoeken dat is binnengekomen met betrekking tot de risicothema’s en de reactie daarop;
de omvang van het vergunningenbestand op de risicothema’s;
de activiteiten die het gemeentebestuur verricht om het vergunningenbestand actueel te houden;
het aantal vergunningen dat van rechtswege is verleend waarbij strijd is met het vastgestelde gemeentelijk beleid.
**3.** Het document, bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt binnen vier weken na een besluit tot vaststelling of wijziging aan gedeputeerde staten overlegd. Het document, bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt jaarlijks verstrekt voor 1 februari van het jaar waarop het betrekking heeft. Het document, bedoeld in het eerste lid, onder c, en de gegevens, bedoeld in het tweede lid, onder a tot en met d, worden jaarlijks voor 15 juli verstrekt.
Hoofdstuk
Artikel 3