**1..** Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:
kampeermiddel, samengestelde stacaravan, standplaats, niet-permanente standplaats en zomerseizoen: zie hiervoor de omschrijvingen als opgenomen in de door de raad in de vergadering van 29 maart 2007 vastgestelde “Nota kamperen”, in de vergadering van 26 februari 2009 geamendeerd;
permanente standplaats: in afwijking van de omschrijving als opgenomen in de onder sub a genoemde “Nota kamperen”, wordt hieronder verstaan: een standplaats bestemd voor het plaatsen van een kampeermiddel of een samengestelde stacaravan en twee bijzettentjes van maximaal zes vierkante meter, dat gedurende het gehele jaar aanwezig mag zijn ten behoeve van recreatief nachtverblijf en waarbij de standplaats niet ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen.
seizoenplaats: een standplaats, permanent of niet-permanent, die ter beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van een kampeermiddel gedurende een zomerseizoen, dat na afloop van het seizoen van de plaats verwijderd wordt en waarbij de standplaats niet ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen;
beroepsmatig verhuurd kampeermiddel en samengestelde stacaravan: kampeermiddel of samengestelde stacaravan die door de exploitant of de eigenaar ervan gedurende meer dan 30 dagen al dan niet aaneengesloten in het belastingjaar verhuurd wordt;
arrangement: een reservering op een niet-permanente plaats voor een gezin, echtpaar of samenreizende personen gedurende een vooraf vastgelegde periode van minimaal vier weken voor een vast huurbedrag;
voorseizoenarrangement: een arrangement lopend vanaf het begin van het zomerseizoen en eindigend de maand juni;
verlengd voorseizoenarrangement: een arrangement lopend vanaf het begin van het zomerseizoen en eindigend in de eerste helft van de maand juli;
naseizoenarrangement: een arrangement met een looptijd van ongeveer twee maanden, startend na het hoogseizoen en eindigend bij de afloop van het zomerseizoen;
maandarrangement: een arrangement met een looptijd van één maand gedurende de maand juni of september;
winterarrangement: een arrangement met een looptijd van ongeveer vijf maanden, startend bij de afloop van het zomerseizoen en eindigend bij de start van het volgende zomerseizoen.
**2..** Voor kampeermiddelen en samengestelde stacaravans op:
permanente standplaatsen en op seizoenplaatsen;
niet-permanente standplaatsen indien sprake is van een voorseizoenarrangement, verlengd voorseizoenarrangement, naseizoenarrangement, maandarrangement en winterarrangement;
kan het aantal overnachtingen op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld.
**3..** Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen en samengestelde stacaravans op permanente standplaatsen en op seizoenplaatsen, ook wel aan te duiden als A-forfait, wordt per standplaats:
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,7 personen.
het aantal nachten gesteld op 76 nachten.
**4..** Ten aanzien van het bepaalde in het derde lid wordt op de uitkomst van het aantal overnachtingen, zijn de som van het product van het derde lid, sub a en het derde lid, sub b, per kampeermiddel en samengestelde stacaravan een korting toegepast van 15,2 overnachtingen.
**5..** Bij de forfaitaire berekening voor beroepsmatig verhuurde kampeermiddelen en samengestelde stacaravans op permanente standplaatsen of op seizoenplaatsen, ook wel aan te duiden als B-forfait, wordt per standplaats:
het aantal overnachtende personen gesteld op 4 personen.
het aantal nachten gesteld op 75 nachten.
**6..** Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op niet-permanente standplaatsen wordt per standplaats:
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,6 personen indien sprake is van een voorseizoenarrangement;
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,6 personen indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement;
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,4 personen indien sprake is van een naseizoenarrangement;
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,1 personen indien sprake is van een maandarrangement;
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,1 personen indien sprake is van een winterarrangement.
het aantal nachten gesteld op 29 nachten indien sprake is van een voorseizoenarrangement;
het aantal nachten gesteld op 39 nachten indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement;
het aantal nachten gesteld op 14 nachten indien sprake is van een naseizoenarrangement;
het aantal nachten gesteld op 12 nachten indien sprake is van een maandarrangement;
het aantal nachten gesteld op 16 nachten indien sprake is van een winterarrangement;
Artikel 5
Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting Schouwen-Duiveland 2010