Naar hoofdinhoud

Artikel 3 Nevenfuncties

Artikel 3 Nevenfuncties

Onderdeel van Gegragscode voor bestuurders Alphen aan den Rijn 2014

Een bestuurder vervult geen (neven)functies ten opzichte van zijn bestuurlijke functie die een structureel risico (kunnen) vormen voor een integere invulling van de politieke invulling. Het voornemen van het aanvaarden van een nevenfunctie wordt zowel door de wethouders als de burgemeester aan de raad gemeld. Q.q.-nevenfuncties zijn functies die bestuurders – en in mindere mate raadsleden - vervullen uit hoofde van hun politieke functie. Een bestuurder geeft ten behoeve van de openbaarmaking van zijn nevenfuncties en q.q-nevenfuncties aan voor welke organisatie de functies worden verricht, wat het tijdsbeslag is en of de functies bezoldigd zijn. Deze gegevens worden openbaar gemaakt. Jaarlijks vindt vanwege de gemeentesecretaris voor zover het de collegeleden betreft en de griffier voor zover het raadsleden betreft, een inventarisatie plaats van alle (neven)functies. Een collegelid die een nevenfunctie wil vervullen anders dan uit hoofde van het ambt, bespreekt dit voornemen in het college. Dit aspect en hoe wordt gehandeld met betrekking tot eventuele vergoedingen en de te maken kosten wordt in de besluitvorming betrokken. Een bestuurder behoudt geen inkomsten uit zijn nevenfuncties en q.q.-nevenfuncties. Deze inkomsten worden gestort in de gemeentekas. Deze stortingsplicht geldt alleen voor inkomsten voor geleverde diensten. Voor vergoedingen voor daadwerkelijk gemaakte onkosten voor nevenfuncties en q.q.-nevenfuncties geldt geen stortingsplicht.

Rechtspraak bij dit artikel