**1..** Voor benoeming als bedoeld in artikel 58, eerste lid onder b, is
vereist dat betrokkene voldoet aan de vereisten van artikel 10,
11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet. Voor benoeming is verder
vereist dat betrokkene bereid is de eed of de verklaring en
belofte af te leggen als bedoeld in het vierde lid.
**2..** De benoeming eindigt aan het einde van de zittingsperiode van de
raad en voorts door ontslagname.
**3..** De raad trekt de benoeming in wanneer betrokkene niet meer
voldoet aan de voor benoeming geldende voorwaarden. Betrokkene
is verplicht de raad daarover onverwijld te informeren. Voorts
trekt de raad de benoeming in indien de fractie die hem heeft
voorgedragen, heeft verklaard dat betrokkene niet langer haar
vertrouwen geniet.
**4..** Direct na benoeming legt betrokkene ten overstaan van de
voorzitter de eed of de verklaring en belofte af overeenkomstig
artikel 14 van de Gemeentewet, waarbij “om tot lid van de raad
benoemd te worden” wordt gelezen als “om tot lid van de
Politieke Avond benoemd te worden” en “mijn plichten als lid van
de raad” als “mijn plichten als lid van de Politieke
Avond”.
**5..** De gedragscode voor de politieke ambtsdragers van de gemeente is
van overeenkomstige toepassing op leden van de Politieke Avond,
niet zijnde raadslid.
Hoofdstuk 10 › Paragraaf 2
Artikel 59
Leden, niet zijnde raadslid
Onderdeel van Reglement van Orde voor de Raad 2014