Naar hoofdinhoud

Artikel 3

De aanwijzing tot gemeentelijk monument

Onderdeel van Geconsolideerde Monumentenverordening, laatst gewijzigd in 2013

1.. Het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een monument aanwijzen als gemeentelijk monument. 2.. Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, vraagt het advies aan de monumentencommissie en de Historische Vereniging(en) van de woonkern van de gemeente waar het beoogde monument is gesitueerd. In spoedeisende gevallen kan het vragen van dit advies achterwege blijven. 3.. Het college kan ten behoeve van de aanwijzing van een gemeentelijk monument bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt verricht. 4.. Het college brengt de raad in kennis van het besluit over de aanwijzing van een gemeentelijk monument. 5.. Voordat het college een kerkelijk monument als gemeentelijk monument aanwijst, voert het overleg met de eigenaar. 6.. Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een monument de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing als beschermd gemeentelijk monument ontvangt tot het moment dat de registratie als bedoeld in artikel 6 plaatsvindt, dan wel vaststaat dat het monument niet wordt geregistreerd, zijn de artikelen 9 tot en met 13 van overeenkomstige toepassing. 7.. De aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op grond van artikel 3 van de Monumentenwet 1988.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel