Naar hoofdinhoud
1.. De belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, voor het parkeren van een voertuig op de parkeerlocatie wordt niet geheven van een houder van een geldige gehandicaptenparkeerkaart. 2.. De belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, voor het parkeren van een voertuig op de parkeerlocatie wordt niet geheven van een houder van een geldige gehandicaptenparkeerkaart met dien verstande dat de houder van een geldige gehandicaptenparkeerkaart maximaal 3 uur aaneengesloten zonder vergunning mag parkeren op een parkeerplaats binnen een parkeerzone. Het gebruik van een parkeerschijf is hierbij verplicht. De vrijstelling is uitsluitend van toepassing indien de gehandicaptenparkeerkaart bedoeld in het eerste lid - en de correct ingestelde parkeerschijf - met de daartoe bestemde zijde op een van buitenaf duidelijk zichtbare en leesbare plaats achter de voorruit van het motorvoertuig is geplaatst. 3.. Deze uitzonderingen gelden niet in parkeergarages of bij parkeren achter slagbomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel