Reiskosten worden geacht te kunnen worden betaald uit het inkomen ter hoogte van de bijstandsnorm. Hieronder vallen ook incidentele bezoeken aan een ziekenhuis, tandarts of psycholoog/psychiater. Voor deze incidentele reizen in de regio kan tegen een redelijke vergoeding gebruik worden gemaakt van regiovervoer.
Als gevolg van bijzondere omstandigheden kan tijdelijk extra behoefte aan vervoer buiten de regio optreden, waarvoor in de individuele situatie bijzondere bijstand kan worden verstrekt:
Voor de reiskosten van bezoek aan een tot het gezin behorende gezinslid, in het ziekenhuis, in detentie of in een (verpleeg)inrichting verblijvend, wordt bijzondere bijstand verstrekt.
De bijzondere bijstand wordt verstrekt voor maximaal twee bezoeken per week in een (verpleeg)inrichting en maximaal één bezoek per maand in een penitentiaire instelling .
Voor reiskosten voor een noodzakelijke medische behandeling buiten de regio kan bijzondere bijstand worden verstrekt onder de voorwaarde dat:
er aantoonbaar geen gebruik kan worden gemaakt van de vervoersvoorziening op grond van de Wmo, een vergoeding via de zorgverzekering of van regiovervoer;
de frequentie van de behandeling en de afstand ( meer dan 10 kilometer) tot gevolg heeft dat de te maken reiskosten redelijkerwijs niet uit het inkomen betaald kunnen worden
Voor de reiskosten van een kind, dat aanspraak maakt op de Wet tegemoetkoming en onderwijsbijdrage scholieren (Wtos) en meer dan 10 kilometer moet reizen van de ouderlijke woning naar de noodzakelijke onderwijsinstelling.
De hoogte van de bijzondere bijstand zoals bedoeld in dit artikel is maximaal de goedkoopste vorm van openbaar vervoer voor het betreffende traject.