Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 7

Artikel 21

Maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Westland 2014

Toegangsgrens: inkomen tot maximaal 110% van de geldende bijstandsnorm en maximaal het vermogen genoemd in artikel 34 lid 3 van de wet. Draagkracht: niet van toepassing Aan gezinnen met een inkomen tot maximaal 110 % van de van geldende bijstandsnorm met tot het  gezin behorende kinderen van 4 jaar tot 18 jaar die onderwijs volgen kan bijzondere bijstand worden verstrekt voor: een bijdrage in de kosten van een lidmaatschap, een contributie of een abonnement van een sportieve of een culturele voorziening; bijkomende schoolkosten voor kinderen in de leeftijd van 12 tot 18 jaar die onderwijs volgen; de eenmalige extra kosten voor een kind dat naar het voorgezet onderwijs gaat. De hoogte van de bijstand genoemd onder lid 1 a bedraagt €193,- per kind per peiljaar. De hoogte van de bijstand genoemd onder lid 1 b bedraagt €144,- per kind per peiljaar. De hoogte van de bijstand genoemd onder lid 1 c bedraagt € 346,- per kind dat naar het voortgezet onderwijs gaat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel