Aan het lid van een commissie dat geen raadslid of wethouder is en niet in zijn hoedanigheid van ambtenaar tot lid van de commissie is benoemd worden de reiskosten voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed. De vergoeding betreft:
bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten;
bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, onderdeel b, van de Regeling rechtspositie wethouders.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid worden de in redelijkheid gemaaktenoodzakelijk verblijfskosten ter zake van reizen binnen en buiten het grondgebied van de gemeente vergoed overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling rechtspositie wethouders.
In afwijking van het eerste lid betreft de vergoeding van de reiskosten voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie voor de leden van de commissie voor de bezwaarschriften, de welstandscommissie en de Rekenkamer:
bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid gemaakte reiskosten;
bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten ten bedrage van het maximaal fiscaal toegestane onbelaste bedrag per kilometer. Voor de kilometervergoeding wordt uitgegaan van de afstand tussen het woonadres van het commissielid tot de locatie waar de vergadering plaatsvindt.
Artikel 27
Reis- en verblijfkosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raadsleden en commissieleden 2014