**1..** Tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren
het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en
overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven aanwijzingen
moet worden herplant.
**2..** Wordt een voorschrift als bedoeld in het eerste lid gegeven, dan
kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de
herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet
worden vervangen.
**3..** Een vergunning wordt verleend onder de standaardvoorwaarde van
feitelijk niet-gebruik tot het moment dat:
de termijn om een bezwaarschrift in te dienen is
verstreken zonder dat een bezwaarschrift is ingediend,
of
beslist is op bezwaar of op een verzoek om voorlopige
voorziening dat is ingediend tijdens de termijn om een
bezwaarschrift in te dienen.
**4..** Indien geen gehoor wordt gegeven aan het gestelde onder het 1e
en 2e lid van dit artikel, kan het bevoegd gezag na het
verstrijken van de gestelde termijn de uit te voeren
plantwerkzaamheden met daarbij horende voorschriften door een
derde laten uitvoeren, waarna de gemaakte kosten in deze worden
verhaald op degene die ingevolge artikel 4:11a gerechtigd is tot
het doen van een “aanvraag om vergunning”.
HOOFDSTUK 4 › Afdeling 3
Artikel 4:11c
Bijzondere vergunningsvoorschriften
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Asten 2014 (APV)