**1..** Indien zich op een terrein één of meer iepen bevinden die naar
het oordeel van het bevoegd gezag gevaar opleveren voor
verspreiding van de iepziekte of voor vermeerdering van
iepenspintkevers is de rechthebbende, indien hij daartoe door
het bevoegd gezag is aangeschreven, verplicht binnen de bij de
aanschrijving vast te stellen termijn:
indien de iepen in de grond staan, deze te vellen;
de iepen te ontschorsen en de schors te
vernietigen;
of de niet ontschorste iepen of delen daarvan te
vernietigen of zodanig te behandelen dat verspreiding
van de iepziekte wordt voorkomen.
**2..** a het is verboden gevelde iepen of delen daarvan voorhanden of
in voorraad te hebben of te vervoeren.
b het verbod is niet van toepassing op geheel ontschorst
iepenhout en op iepenhout met een doorsnede kleiner dan 4
cm.
c Het college kan ontheffing verlenen van het onder a van dit
lid gestelde verbod.
**3..** Het niet voldoen aan de in het 1e lid bedoelde aanschrijving
biedt een basis voor de toepassing van bestuursdwang, waarbij de
noodzakelijke werkzaamheden, voor risico en voor rekening van
aangeschrevene, door of namens de gemeente kunnen worden
verricht.
HOOFDSTUK 4 › Afdeling 3
Artikel 4:11f
Bestrijding iepziekte
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Asten 2014 (APV)