Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle; belanghebbende: de persoon die ten behoeve van zichzelf of zijn partner een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang als gevolg van sociaal medische redenen vraagt; kind: het eigen kind of stiefkind van belanghebbende en of diens partner, waarvoor een tegemoetkoming wordt gevraagd; Met een kind wordt gelijkgesteld een pleegkind; ten laste komend kind: het kind voor wie de belanghebbende of diens partner aanspraak op kinderbijslag kan maken; partner: de persoon die al of niet gehuwd met de belanghebbende een gezamenlijke huishouding voert, tenzij het betreft een bloedverwant in de eerste graad; gezamenlijke huishouding: bij de beoordeling of er sprake is van een gezamenlijke huishouding wordt aangesloten bij de bepalingen die hiervoor in de Wet werk en bijstand gelden; tegemoetkoming: een financiële bijdrage in de kosten van kinderopvang als gevolg van sociaal medische redenen; burgerservice nummer: het nummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer; vreemdeling: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Vreemdelingenwet 2000; peuterspeelzaal: een voorziening waarin uitsluitend kinderen vanaf de leeftijd van twee jaar tot het tijdstip waarop zij kunnen deelnemen aan het basisonderwijs verblijven in een speelgroep; overblijf mogelijkheid: een voorziening waarin kinderen die deelnemen aan het basisonderwijs tijdens de middagpauze kunnen verblijven. inkomen: de som van alle inkomsten die worden genoten door de belanghebbende en of diens partner, met uitzondering van: uitkeringen ingevolge de Algemene Kinderbijslagwet; vakantietoeslagen; inkomsten van het kind of kinderen; tegemoetkomingen ingevolge de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen; eigen woningbijdrage of bijzondere bijdrage ontvangen op grond van de Wet bevordering eigenwoningbezit; vergoedingen en tegemoetkomingen, waaronder begrepen de tegemoetkoming ontvangen op grond van het Tijdelijk besluit tegemoetkoming buitengewone uitgaven, voor, alsmede de vermindering of teruggave van, loonbelasting of inkomstenbelasting en van premies, volksverzekering op grond van kosten die niet tot de algemeen noodzakelijke bestaanskosten in de zin van de Wet werk en bijstand behoren; vrije vergoedingen en vrije verstrekkingen op grond van Hoofdstuk IIA van de Wet op de loonbelasting 1964; tegemoetkomingen studiekosten, voorzover deze geen betrekking hebben op de voorziening in de algemene bestaanskosten van belanghebbende en of diens partner; de langdurigheidstoeslag, zoals genoemd in artikel 36 van de Wet werk en bijstand; de financiële tegemoetkoming waarop personen met een ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet recht hebben; doeluitkeringen die niet bestemd zijn voor de voorziening in de algemene bestaanskosten. Het inkomen wordt in aanmerking genomen over het bruto bedrag. De in artikel 1 lid 1 onder b. tot en met f. en j. van de Wet kinderopvang gedefinieerde begrippen zijn ook van toepassing op deze verordening. Artikel 1 lid 2 van de Wet kinderopvang is ook van toepassing op deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel