Door de huidige stadsdelen zijn verschillende verordeningen, beleidsregels en overige voorschriften vastgesteld. Deze blijven op grond van artikel 38 van de Verordening op de bestuurscommissies gedurende twee jaar gelden. Om ervoor te zorgen dat de bestuurscommissies ook bevoegd zijn om de taken en bevoegdheden uit te oefenen die uit deze voorschriften voortvloeien, is onderhavige bepaling opgenomen. Geregeld is dat de bestuurscommissies uitvoering kunnen blijven geven aan de voorschriften die door de stadsdelen zijn vastgesteld, voor zover er op dat punt ook taken en bevoegdheden aan de bestuurscommissies zijn toegekend.
Met de bepaling wordt bovendien tot uitdrukking gebracht dat voor zover er op een beleidsterrein nog acht verschillende verordeningen of beleidsregels van toepassing zijn, de bestuurscommissies vooralsnog uitvoering geven aan de voorschriften die door de huidige stadsdelen voor het desbetreffende grondgebied zijn vastgesteld. Dit om te voorkomen dat de bestuurscommissies uitvoering moeten geven aan centraal-stedelijke voorschriften die nog niet aan het nieuwe bestuurlijk stelsel zijn aangepast en daar dus ook niet op zijn toegespitst. Als de centraal-stedelijke voorschriften worden gewijzigd, kan worden bezien wat er met de door de stadsdelen vastgestelde voorschriften moet gebeuren.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 14:
Regelgeving stadsdelen
Onderdeel van Bijzondere verordening overgang deelgemeenten bestuurscommissies 2014