**1..** De rechthebbende op een brug of vergelijkbare constructie, welke is gesitueerd in of boven een door het college aangewezen wetering of sloot, is verplicht deze zodanig te construeren dat de voor doorvaart beschikbare ruimte voldoet aan de door het college bij de aanwijzing voorgeschreven hoogte en breedte.
**2..** Indien de in het eerste lid bedoelde brug of vergelijkbare constructie ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening niet voldoet aan de door het college voorgeschreven hoogte en/of breedte, zal geen verwijdering of aanpassing plaats behoeven te vinden, tenzij zulks in het belang van de doorvaart nodig is.
**3..** Bij eventuele vernieuwing of ingrijpend herstel van de brug of vergelijkbare constructie is in afwijking van het bepaalde in het tweede lid het eerste lid onverkort van toepassing.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 6:
Artikel 5.31c
Hoogte en breedte van doorvaartruimte bij bruggen e.d.
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening De Ronde Venen 2008