1.De leden van de raad en de overige deelnemers aan de vergadering spreken in eerste termijn vanaf het spreekgestoelte; tijdens de tweede termijn wordt daarnaast gesproken via de interruptiemicrofoons.
Bij bijzondere gelegenheden of in bijzondere situaties kan de voorzitter bepalen dat de deelnemers aan de vergadering vanaf een andere plaats spreken.
Een lid van de raad of overige deelnemer aan de vergadering voert het woord na het aan de voorzitter gevraagd en van de voorzitter verkregen te hebben.
Een spreker spreekt via de voorzitter.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2
Artikel 22
Spreekregels
Onderdeel van Reglement van orde van de gemeenteraad van Nieuwegein 2012