Het is de eigenaar of houder van een hond of degene die een hond onder zijn toezicht heeft, verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen:
op een openbare plaats zonder dat die hond zich onder geleide of voldoende toezicht bevindt;
op een openbare plaats zonder dat die hond aangelijnd is, behalve op plaatsen die door het college als zodanig zijn aangewezen;
op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats;
in een door het college aangewezen deel van de gemeente, tenzij het college daarvoor ontheffing verleend.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 8
Artikel 2:67
Loslopende honden, verboden plaatsen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Breda 2014