Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Procedure

Onderdeel van Alcohol, drugs en medicijnbeleid 2013

De direct leidinggevende deelt aan de medewerker mee, dat hij kennelijk gebruik van alcoholhoudende drank, drugs- en/of medicijngebruik vermoedt en geeft opdracht tot het staken van de werkzaamheden. De direct leidinggevende legt de situatie schriftelijk vast en neemt dit op in het personeelsdossier van de betrokken werknemer. Er wordt van elk gesprek een verslag gemaakt en dit verslag wordt opgenomen in het personeelsdossier. Indien de betrokken medewerker onder invloed van alcohol, drugs en/of medicijnen blijkt te zijn, wordt hem namens het college de toegang tot het werkterrein ontzegd conform artikel 15:1:19 CAR/UWO. De werkgever biedt de medewerker vervoer aan. De betrokken medewerker kan zijn werkzaamheden weer hervatten op het moment dat de direct leidinggevende van mening is dat er niet langer sprake is van de onder lid 1 van dit artikel beschreven situatie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel