De tegemoetkoming voor dienstreizen geschiedt op basis van declaratie aan de hand van een formulier. Hierbij worden duidelijk het reisdoel en de afstand vermeld. De medewerker is verplicht om afdoende bewijsmateriaal te overleggen.
De tegemoetkoming voor woon-werkverkeer wordt maandelijks –gelijktijdig met het salaris– uitbetaald. De tegemoetkoming wordt berekend aan de hand van de methode zoals deze door de Belastingdienst wordt voorgeschreven (artikel 3, lid 5 van deze verordening).
Om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming woon-werkverkeer is de medewerker verplicht de “Verklaring woon-werkverkeer” in te vullen en in te leveren bij de salarisadministratie.
Indien de voor deze verordening noodzakelijke bewijsstukken niet toereikend zijn om de werkelijke kosten te kunnen bepalen, wordt de medewerker verzocht het verzuim te herstellen. Kan de medewerker geen andere bewijsstukken overleggen, wordt géén tegemoetkoming verstrekt.
De direct leidinggevende of diens vervanger beoordeelt in voorkomend geval de rechtmatigheid en doelmatigheid van de gedeclareerde kosten.
Hoofdstuk
Artikel 15
Administratieve afhandeling
Onderdeel van Verordening reiskosten medewerkers gemeente Uithoorn, 2013