Indien de medewerker binnen de gemeentegrenzen in het belang van de dienst zich moet verplaatsen, maakt hij een verantwoorde afweging tussen het gebruik van zijn eigen motorvoertuig, het openbaar vervoer en/of de (dienst)fiets. Hierbij verdient de meest efficiënte reiswijze de voorkeur.
Indien de medewerker buiten de gemeentegrenzen in het belang van de dienst zich moet verplaatsen, maakt hij een verantwoorde afweging tussen het gebruik van zijn eigen motorvoertuig, het openbaar vervoer en/of de (dienst)fiets, of het gezamenlijk reizen met collega’s van de eigen gemeente of andere gemeenten (“carpoolen”).
Hoofdstuk
Artikel 8
Afweging eigen motorvoertuig, openbaar vervoer of fiets
Onderdeel van Verordening reiskosten medewerkers gemeente Uithoorn, 2013