Indien bij een krachtens mandaat te nemen beslissing of handeling een andere afdeling belang heeft of de betreffende aangelegenheid het taakveld van een andere afdeling raakt, legt de gemandateerde de zaak vooraf voor aan de betreffende medewerker van die andere afdeling, dit onverminderd het gestelde in de kolom "Bijzondere bepalingen en nadere toelichting" van het bij deze regeling behorende overzicht. Als er geen overeenstemming wordt bereikt, geldt artikel 9, lid 3 onder f.