Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Inrichtingsbesluit Warenmarkt Voorschoten 2012

In . deze regeling wordt verstaan onder: 1.. achterruimte: ruimte achter de kraam voor koeling, stalling en andere bedrijfsgerelateerde voorwerpen; 2.. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Voorschoten; 3.. dagplaats: de standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste plaats of standwerkerplaats is toegewezen, dan wel is ingenomen; 4.. kraamzetter (kraamexploitant): de persoon die door het college is aangewezen voor het plaatsen en exploiteren van de marktkramen; 5.. markt: de door het college ingestelde wekelijkse warenmarkt; 6.. marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college; 7.. standplaats: het voor de duur van de markt door het college aan de vergunninghouder toe te wijzen of toegewezen deel van het marktterrein, bestemd voor het uitoefenen van de markthandel; 8.. standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en het publiek door een uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van een artikel; 9.. standwerkerplaats: de standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder om te standwerken; 10.. vaste standplaats: de standplaats die beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder voor het wekelijks innemen van een vaste standplaats; 11.. vergunninghouder: degene aan wie door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Voorschoten vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats; 12.. verordening: Marktverordening Voorschoten 2012; 13.. verkoopwagen: verrijdbare verkoopinstallatie die op een daartoe aangewezen standplaats staat.

Rechtspraak bij dit artikel