Een mandaatbevoegdheid wordt niet uitgeoefend indien:
het te nemen besluit uitmondt in aanvulling of afwijking van het tot dan toe gevoerde beleid;
het een bevoegdheid betreft die onlosmakelijk is verbonden aan een eerdere door het college zelf uitgeoefende bevoegdheid;
indien er, behoudens zaken met een routinematig karakter, rekening mee moet worden gehouden dat de burgemeester of het college op zijn verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit zal worden aangesproken;
uit het te nemen besluit financiële gevolgen kunnen voortvloeien die leiden tot overschrijding van de budgetten en budgettaire kaders;
de betrokken portefeuillehouder of de burgemeester (in de hoedanigheid van bestuurlijk coördinator) zulks kenbaar maakt;
het besluit wordt genomen met gebruikmaking van een hardheidsclausule in een wettelijke regeling
een adviescommissie en/of meerdere afdelingen aan één van de afdelingen een afwijkend of negatief advies heeft uitgebracht over het te nemen besluit; dit geldt ook indien wordt voorgenomen van een advies van een adviescommissie af te wijken
behoudens zaken met een routinematig karakter, waaronder mede wordt verstaan het verstrekken van niet beleidsmatige informatie, voor documenten gericht aan:
de Kroon;
een Minister;
een Staatssecretaris;
een Commissaris van de Koningin;
Provinciale en Gedeputeerde Staten;
de gemeenteraad van Schiedam;
overige bestuursorganen;
gemeentelijke overheden;
gemeenschappelijke regelingen;
regio’s;
de Vereniging van Nederlandse Gemeenten;
de Nationale Ombudsman, voor zover het schriftelijke, formele correspondentie betreft inzake;
de afhandeling van door de gemeente behandelde klachten.
Artikel 4
Uitzonderingen van mandaat (verboden)
Onderdeel van Mandaat, machtiging en volmachtbesluit Schiedam 2013