Het bevoegd bestuursorgaan kan het plaatsen van voorwerpen
verbieden;
indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar
oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig
en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen
voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg.
indien het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband
met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van
welstand;
in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor
gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak.
indien de activiteit als omschreven in de melding niet voldoet
aan één of meerdere van de bovenstaande voorwaarden.
Deze beleidsregel treedt in werking op 1 april 2014 en kan worden
aangehaald als het “ 2:10 beleid”.
Hoofdstuk
Artikel 8.
WEIGERINGSGRONDEN
Onderdeel van Beleidsregel voorwerpen in de openbare ruimte Enkhuizen 2014