Naar hoofdinhoud
1.. Als blijkt, dat een houder van een kinderopvangvoorziening of een peuterspeelzaal niet voldoet aan één of meer kwaliteitseisen van de Wko en alle daaruit voortvloeiende regelgeving dan wordt in beginsel een herstellend traject gestart. Bij niet voldoen aan een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde regels omtrent de kwaliteit van de voorschoolse educatie, die gelden indien deze voorschoolse educatie wordt gesubsidieerd door het college, wordt geen herstellend traject gestart, maar wordt de subsidie geheel of gedeeltelijke van de betreffende instelling teruggevorderd. 2.. Een herstellend traject is gericht op een zo spoedig mogelijke beëindiging van een overtreding en voorkoming van herhaling van de overtreding. 3.. Bij het uitvoeren van het herstellend traject volgt het college de volgende stappen: stap 1: aanwijzing stap 2: last onder dwangsom stap 3: exploitatieverbod stap 4: verwijdering uit het landelijk register kinderopvang of het register peuterspeelzalen 4.. Als de overtreding hiertoe aanleiding geeft, kan het college besluiten om een bepaalde stap of bepaalde stappen van het herstellende traject over te slaan dan wel meerdere keren toe te passen. 5.. Als naar aanleiding van een constatering van eenzelfde overtreding is besloten om te volstaan met een waarschuwing of overleg en overtreding, dan wordt stap 1, als bedoeld in het derde lid, overgeslagen. 6.. Bij het geven van een aanwijzing gelden de volgende hersteltermijnen: prioriteit hoog: maximaal 3 maanden na de datum van inspectie; prioriteit gemiddeld: maximaal 10 maanden na de datum van inspectie; prioriteit laag: maximaal 10 maanden na de datum van inspectie.

Rechtspraak bij dit artikel