Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Herplant-/instandhoudingsplicht

Onderdeel van Bomenverordening 2005

1.. Indien houtopstand, waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze verordening van toepassing is, zonder vergunning is geveld, dan wel op andere wijze teniet is gegaan, kan het college aan de rechthebbende de verplichting opleggen te herbeplanten overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn. 2.. Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet worden vervangen. 3.. Indien houtopstand, waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze verordening van toepassing is in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd, kan het college aan de rechthebbende de verplichting opleggen overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die bedreiging wordt weggenomen. 4.. De rechthebbende aan wie een verplichting is opgelegd als bedoeld in het eerste en tweede lid, alsmede diens rechtsopvolger is verplicht de herbeplanting in stand te houden totdat de verordening op deze beplanting van toepassing is. 5.. De rechthebbende aan wie een verplichting als bedoeld in de voorgaande leden is opgelegd, alsmede diens rechtsopvolger, is verplicht daaraan te voldoen.

Rechtspraak bij dit artikel