**1..** Indien het college een vergoeding als bedoeld in de artikelen 4:1, 4:2 en 4:3 toekent, vergoedt het daarbij tevens: a. redelijke kosten ter voorkoming of beperking van schade; b. redelijke kosten ter zake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand of andere deskundige bijstand bij de vaststelling van de schade, voor zover deze kosten niet kunnen worden beschouwd als kosten, die de belanghebbende in verband met de behandeling van het bezwaar of het beroep heeft moeten maken als bedoeld in de artikelen 7:15, tweede lid, 7:28, tweede lid en 8:75 Algemene wet bestuursrecht; c. indien voor de indiening van de aanvraag een recht is geheven, het betaalde recht; d. de wettelijke rente vanaf de ontvangst van de aanvraag, of indien de schade op een later tijdstip ontstaat, vanaf dat tijdstip.
**2..** Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 6.4 en 6.5 Wet ruimtelijke ordening.
Hoofdstuk 4
Artikel 4:6