Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1.1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Ridderkerk 2014

In deze verordening en de daarop gebaseerde nadere regelgeving wordt verstaan onder: - ADL-woning: een woning die deel uitmaakt van een aantal bij elkaar horende,aangepaste huurwoningen, waarvan de bewoners voor hun dagelijkse levensverrichtingen zijn aangewezen op persoonlijke assistentie zoals bedoeld in de subsidieregeling ADL-clusters en ADL-assistentie 1996; - algemeen gebruikelijk: naar geldende maatschappelijke normen tot het gangbare gebruiks-dan wel bestedingspatroon van een persoon als de persoon met beperkingen behorend en niet speciaal bedoeld voor persoon met beperkingen; - algemeen toegankelijke voorziening voor zorg-gemaks- en welzijnsdiensten: een voorziening die open staat voor alle inwoners van Ridderkerken die door de inwoners zelf betaald wordt wanneer zij geen indicatie Wmo hebben; - algemene voorziening: een voorziening die direct beschikbaar is en wordt verleend na eenbeperkte toegangsbeoordeling en die een snelle, regelarme en compenserende oplossing biedt voor de beperkingen die een persoon met beperkingen ondervindt; - AWBZ: Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten; - Besluit: het uitvoeringsbesluit wet maatschappelijke ondersteuning, waarin het college nadere regels stelt over de voorzieningen die op grond van de verordening verleend kunnen worden; - budgethouder: een persoon aan wie ingevolge deze verordening een pgb isverleend en die aan het college verantwoording schuldig is over de besteding van het pgb; - compensatieplicht de plicht van het college aan personen met een beperking, eenchronisch psychisch of een psychosociaal probleem voorzieningen te bieden ter compensatie van hun beperkingen op het gebied van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie teneinde hen in staat te stellen een huishouden te voeren, zich te verplaatsen in en om de woning, zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel en medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. Daarbij legt artikel 4 van de wet het college de plicht op om een resultaat te bereiken dat als compensatie mag gelden en dat in het individuele geval maatwerk is; - college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ridderkerk; - eigen bijdrage: een door het college vast te stellen bijdrage, die bij de verlening vaneen voorziening in natura of een pgb betaald moet worden en waarop de regels van het Besluit van toepassing zijn; - financiële tegemoetkoming: een tegemoetkoming in de kosten van een voorziening, die wordtafgestemd op het inkomen van de persoon met beperkingen; - forfaitaire vergoeding: een bijdrage ineens die los van het inkomen en los van dewerkelijke kosten van een voorziening wordt verstrekt; - gebruikelijke zorg: de normale, dagelijkse ondersteuning die huisgenoten elkaaronderling te bieden omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden; - gemaximeerde vergoeding: een vergoeding in de kosten van een voorziening die tot eenvastgesteld maximum wordt verstrekt; - gemeenschappelijke ruimte: gedeelte(n) van een woongebouw, niet behorende tot deonderscheiden woningen, bestemd en noodzakelijk om te betreden om de woning van de persoon met beperkingen te kunnen bereiken en ruimten die onder het gehuurde vallen en waarvan de persoon met beperkingen gebruik moet kunnen maken; - hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning,waar de persoon met beperkingen zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft; - hulp verbonden aan een belangenbehartigings- organisatie: een professionele dienstverlener die werkt via de regeling Dienstverlening Aan Huis en via een belangenbehartigingsorganisatie. - huisgenoot: iedere persoon van 12 jaar of ouder die in dezelfde leefeenheid woont als de persoon met beperkingen; - hulp bij huishouden: ondersteuning bij het voeren van een huishouden van de persoon met beperkingen dan wel van de leefeenheid waartoe de persoon met beperkingen behoort. De ondersteuning kan bestaan uit een schoonmaakvoorziening of een voorziening voor persoonlijke dienstverlening; - indicatiestelling: de objectieve beoordeling van een aanvraag voor een bepaalde voorziening; - individuele voorziening: een voorziening die individueel wordt verleend indien een algemene voorziening geen compenserende oplossing biedt; - leefeenheid: een eenheid bestaande uit gehuwde personen die al dan niet tezamen met een of meer ongehuwde minderjarige personen duurzaam een huishouden voeren dan wel uit een meerderjarige ongehuwde personen die met een of meer ongehuwde minderjarige personen duurzaam een huishouden voert; - ligplaats: een door de gemeente aangewezen ligplaats die door een woonschip wordt ingenomen; - mantelzorger: een persoon die mantelzorg verleent als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b van de wet; - meerkosten: kosten van een mogelijk krachtens de wet te verlenen voorziening, voor zover deze kosten meer bedragen dan de als algemeen gebruikelijk te beschouwen kosten van een dergelijke voorziening voor de persoon met beperkingen; - normbedrag: een forfaitaire of gemaximeerde vergoeding; - participatie: normale deelname aan het maatschappelijke verkeer, te weten: het voeren van een huishouden; het normale gebruik van de woning; het zich in en om de woning verplaatsen; het zich zodanig verplaatsen dat aansluiting wordt gevonden bij regionale, bovenregionale en landelijke vervoersystemen; het ontmoeten van andere mensen en het aangaan en onderhouden van sociale verbanden om op die manier deel te nemen aan het lokale maatschappelijke leven; - persoon met beperkingen: een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleemof een psychosociaal probleem die aantoonbare, dat wil zeggen objectief, door arts of deskundige, vastgestelde beperkingen ondervindt bij participatie; - persoonlijke dienstverlening: dienstverlening die in principe ook door een mantelzorger gebodenzou kunnen worden, zoals bijvoorbeeld schoonmaakactiviteiten bijmensen met een verminderd vermogen tot regie. Ook de tijdelijke ondersteuning bij de dagelijkse zorg voor kinderen die tot het gezin behoren valt hieronder. - pgb: persoonsgebonden budget (pgb), een geldbedrag waarmee de persoon met beperkingen een of meer aan hem te verlenen voorzieningen kan verwerven en waarop de bepalingen van deze verordening en het Besluit van toepassing zijn; - schoonmaakvoorziening: voorziening voor mensen met een (tijdelijke) beperking die zelf in staat zijn regie te voeren over het huishouden, gericht op het behalen van een of meer van de volgende resultaten: wonen in een schoon en leefbaar huis; kunnen beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften; kunnen beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding. - standplaats: een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waaropvoorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsvoorzieningen, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten; - uitrustingniveau socialewoningbouw: het niveau van voorzieningen in de sociale woningbouw zoals vastgelegd in het Bouwbesluit 2003; - verstrekkingenboek: het verstrekkingenboek voorzieningen maatschappelijkeondersteuning, waarin het college nadere regels stelt over de voorzieningen die op grond van de verordening en het Besluit verleend kunnen worden; - verzamelinkomen: Het totaal van alle (bruto) inkomstenbronnen van de persoon metbeperkingen en diens eventuele partner over het toetsjaar, en indien de persoon met beperkingen een minderjarig kind is, het totaal van alle (bruto) inkomstenbronnen van diens ouders over het toetsjaar; Het toetsjaar is het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het jaar waarin aan een persoon maatschappelijke ondersteuning is verleend; - voorziening in natura: een voorziening die in eigendom, bruikleen of in huur, dan wel in devorm van persoonlijke dienstverlening wordt verleend; - Wet: Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo); - woonwagen: voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst; - zelfredzaam: het lichamelijke, verstandelijke, geestelijke en financiële vermogenvan de persoon met beperkingen om zelf voorzieningen te treffen die participatie mogelijk maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel