**1..** Bij de beoordeling van de ondersteuningsbehoefte wordt rekening gehouden met de eigen kracht van de burger, huisgenoten en de sociale omgeving en de mogelijkheid om gebruik te maken van voorzieningen zoals de algemeen toegankelijke voorziening voor zorg-, gemaks- en welzijnsdiensten, boodschappenservice, maaltijdvoorziening of mogelijkhedenvan kinderopvang. Pas als blijkt dat dit onvoldoende compensatie biedt bij het voeren van een huishouden, wordt gekeken naar voorzieningen die (aanvullend hierop) de burger in staat stellen een huishouden te voeren.
**2..** Een persoon met een (tijdelijke) beperking die zelf in staat is zijn regie te voeren over het huishouden kan in aanmerking komen voor een voorziening als bedoeld in artikel 3.1 onderdeel a.
**3..** Een persoon met een beperking voor wie de voorziening als bedoeld in artikel 3.1 onderdeel a niet toereikend is kan in aanmerking komen voor een voorziening als bedoeld in artikel 3.1 onderdeel b.
**4..** Bij de bepaling van de omvang van hulp bij het huishouden is het Protocol Gebruikelijke zorg bij hulp bij het huishouden 2005 (CIZ) van toepassing. Kinderen tot 12 jaar worden, in afwijking van dit Protocol, uitgesloten voor het verrichten van gebruikelijke zorg.
HOOFDSTUK 3
Artikel 3.2
Recht op hulp bij het huishouden
Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Ridderkerk 2014