Deze verordening wordt aangehaald als Telecomverordening Rijswijk.
II.In te trekken de Telecommunicatieverordening 1999.
De intrekking treedt in werking met ingang van de achtste dag na de datum van bekendmaking.
Aldus besloten door de Raad van de Gemeente Rijswijk in zijn openbare vergadering van 15 juni 2010.
Toelichting Telecommunicatieverordening Rijswijk
1.1 Inleiding
De gemeente Rijswijk is als eigenaar van de openbare gronden, niet alleen privaatrechtelijk, maar ook publiekrechtelijk bij de ondergrondse infrastructuur van kabels en buizen rechtstreeks betrokken.
Het publieke juridische regiem waaronder deze kabels en leidingen liggen, verschilt als het gaat om kabels ten dienste van openbare elektronische communicatienetwerken of om overige kabels en buizen ten dienste van bijvoorbeeld gas en elektriciteit.
De elektronische communicatienetwerken vallen onder het regiem van de Telecommunicatiewet, waarop hieronder zal worden ingegaan.
De overige kabels en leidingen liggen op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening voor Rijswijk (APV), die voor het leggen van voorwerpen en het graven in openbare gebieden een vergunning verplicht stelt. In een nadere voorschrift worden regels gesteld voor het leggen, houden en opruimen van leidingen in gemeentegrond.
Voor het leggen van een kabel ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk is een instemmingsbesluit nodig van het college.
Voor het herstel van het openbare gebied na het leggen van een kabel volgt de gemeente Rijswijk zoveel mogelijk de richtlijn tarieven (graaf)-werkzaamheden Telecom van de VNG.
De opzet van deze richtlijn is dat gravers de mogelijkheid wordt geboden om zelf de aangebrachte schade aan de openbare gronden te herstellen en dat de verdere door de gemeente geleden schade, te weten toekomstig extra onderhoud en beheer en degeneratie, wordt vergoed volgens mede door het college vast te stellen tarieven.
Naast bovengenoemde regelgeving is met ingang van 1 juli 2008 de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten ( WION, “grondroerdersregeling”) van kracht geworden.
Deze wet regelt de verplichte informatie-uitwisseling tussen netwerkbeheerders en gravers om op deze wijze de schade aan leidingen door graafwerkzaamheden te voorkomen.
Bij het opstellen van de Telecommunicatieverordening Rijswijk is gebruik gemaakt van de modelverordening van de VNG
1.2 Telecommunicatieverordening Rijswijk.
De Telecommunicatiewet (Tw) heeft als strekking regels te stellen om in verband met de algehele liberalisering van de openbare elektronische communicatienetwerken een samenhangende infrastructuur te waarborgen en om de daadwerkelijke mededinging in verband met de algehele liberalisering van elektronische netwerken en diensten te bevorderen.
Hoofdstuk 5 van de Tw regelt het gedogen van kabels ten dienste van openbare elektronische communicatienetwerken in de openbare gronden van de gemeente volgens het uitgangspunt “gedogen om niet, verleggen om niet”.
Dat wil zeggen dat de gemeente Rijswijk geen precario kan heffen wegens het moeten dulden van deze kabels in gemeentegrond, maar daar tegenover staat dat de aanbieder verplicht is de kabels te verplaatsen, indien dit noodzakelijk is voor de oprichting van een gebouw of de uitvoering van een werk. Deze uitgangspunten golden overigens ook al onder de oude Telegraaf- en Telefoonwet uit 1904, toen de PTT nog enige concessiehouder was.
Naast het gedogen belast de Tw de gemeente ook met de coördinatie van de door de aanbieders uit te voeren werken binnen het grondgebiedvan de gemeente voor de aanleg en instandhouding van kabels voor deze netwerken. Aan deze coördinatieplicht is inhoud gegeven door een verplichte melding aan het college voordat werkzaamheden starten van de aanleg of instandhouding van telecommunicatiekabels door de aanbieder en dat vervolgens het college een instemmingsbesluit dient te nemen, waaraan het college ten behoeve van de coördinatie van de werkzaamheden voorwaarden kan verbinden.
Volgens artikel 5.4 lid 4 Tw stelt de gemeenteraad daartoe een verordening vast, die in ieder geval regels bevat inzake :
Het tijdstip, voorafgaand aan het verrichten van werkzaamheden, waarop de melding uiterlijk moet zijn gedaan;
De gegevens die bij de melding moeten worden verstrekt waaronder het uitvoeringsplan;
De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming en van het medegebruik van voorzieningen.
Artikel 5.7 Tw regelt de vergoeding van de schade verbandhoudend met de gedoogplicht van de gemeente. In deze verordening behoeft daarom hieraan geen artikel te worden gewijd.
2.Artikelsgewijze toelichting
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Voor zover nodig sluiten de begripsomschrijvingen aan bij de wettelijke omschrijvingen van de Tw.
Artikel 2 Wijze van melding van voorgenomen werkzaamheden
De melding van werkzaamheden dient acht weken voor aanvang te geschieden.
Hierbij wordt aangesloten bij artikel 6 eerste lid van de verordening en artikel 5.3, vierde lid Tw dat bepaalt dat het instemmingsbesluit dient te worden genomen uiterlijk acht weken na ontvangst van de melding. Dit is in overeenstemming met de termijn genoemd in de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Lid 1 van dit artikel geeft aan dat de melding dient te geschieden aan de hand van een door het college vastgesteld formulier. Aan de hand van dit formulier worden de in artikel 4 gevraagde gegevens verstrekt. Alle gevraagde gegevens strekken tot het invullen van de gemeentelijke coördinatieplicht volgens de Telecommunicatiewet.
Lid 2 wijst de aanbieder op de mogelijkheid vooraf over bijvoorbeeld het tracé vooroverleg met de gemeentelijke diensten te voeren. Tevens kan in dit overleg aan de orde komen het medegebruik van voorzieningen als bedoeld in artikel 8.
Lid 4 van dit artikel opent de mogelijkheid van een vereenvoudigde melding, indien het betreft een huisaansluiting, een reparatie of het aanbrengen van kabels in reeds aangelegde voorzieningen. Dan kan worden volstaan met een vereenvoudigde melding aan de coördinator kabels en leidingen alsmede de beheerder van het betreffende gebied.
Deze melding dient te geschieden aan de hand van een door de gemeente Rijswijk vastgesteld formulier. Via deze melding houdt de gemeente Rijswijk overzicht op de werkzaamheden in en op de straat.
Artikel 3 Ernstige belemmeringen en storingen.
In dit artikel wordt aan artikel 5.4, lid 4, sub f en artikel 5.6 Tw voldaan.
In dit geval kan worden volstaan aan een melding aan de burgemeester of een door hem of haar aan te stellen ambtenaar.
Artikel 5.6 lid 5 Tw geeft de mogelijkheid in de verordening gebieden aan te wijzen waar om redenen van veiligheid dit artikel niet van toepassing is.
Artikel 4 Gegevensverstrekking.
Dit artikel is een invulling van artikel 5.4, vierde lid van de Telecommunicatiewet.