Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Algemeen

Onderdeel van Damoclesbeleid gemeente Gennep

1.. Deze beleidsregels zien op woningen en alle al dan niet voor publiek opengestelde lokalen en de daarbij behorende erven. 2.. De bevoegdheid tot toepassing bestuursdwang wordt aanwezig geacht indien er sprake is van het verkopen, afleveren, verstrekken dan wel daartoe aanwezig hebben van verdovende middelen en als er sprake is van een handelshoeveelheid dan wel (bij hennepplanten) van beroeps- of bedrijfsmatige hennepteelt, voor de uitleg waarvan aansluiting wordt gezocht bij het daartoe gestelde in de Aanwijzing Opiumwet. Concreet betekent dit dat er sprake is van een overtreding in de zin van dit beleid bij een hoeveelheid: harddrugs: meer dan 0,5 gram; softdrugs: meer dan 5 gram; hennepplanten: meer dan 5 planten. 3.. Bij toepassing van deze bevoegdheid wordt gekozen voor het toepassen van bestuursdwang en niet voor het in de plaats daarvan opleggen van een last onder dwangsom. Dit omdat bestuursdwang een directer middel is dat - in tegenstelling tot de dwangsom - op termijn tot feitelijke beëindiging van de overtreding zal leiden. Daarentegen mag van een dwangsom in de meeste gevallen weinig effect worden verwacht, gelet op het feit dat het financiële gewin in het verdovende middelen circuit dusdanig groot is dat met een dwangsom naar verwachting niet zal worden bereikt dat een overtreding ophoudt of niet meer wordt herhaald. 4.. Bij het toepassen van bestuursdwang wordt vervolgens gekozen voor het opleggen van een last tot sluiting van de woning c.q. het lokaal. Dit wordt als de meest effectieve maatregel beschouwd om de met de Opiumwet strijdige situatie te doen eindigen en herhaling ervan te voorkomen. Bij wijze van uitzondering kan in concrete gevallen, waar het middel van sluiting niet adequaat of niet evenredig is, bekeken worden welke andere bestuursrechtelijke maatregel dient te worden toegepast. 5.. Een last tot sluiting houdt in dat de woning c.q. het lokaal voor publiek ontoegankelijk wordt gemaakt (door bijvoorbeeld verzegelen en/of dicht timmeren). Dit betekent dat niemand meer in de woning c.q. het lokaal aanwezig mag zijn en/of wordt toegelaten en dat eventuele bewoner(s) al dan niet tijdelijk elders moet(en) verblijven. Ook de eigenaar kan gedurende de sluiting niet over zijn eigendom beschikken. De kosten van toepassing bestuursdwang worden op basis van de Algemene wet bestuursrecht op de overtreder(s) verhaald. 6.. Gelet op het doel van artikel 13b van de Opiumwet, namelijk preventie en beheersing van de uit het drugsgebruik voortvloeiende risico’s voor de volksgezondheid en het voorkomen van nadelige effecten van de handel in en het gebruik van drugs op het openbare leven en andere lokale omstandigheden, wordt bij het vaststellen van de sluitingsduur in overweging genomen: de noodzaak om de bekendheid van de woning c.q. het lokaal als drugsadres teniet te doen; het doen wederkeren van de rust in de directe (woon)omgeving; het voorkomen van herhaling van de verstoring van de openbare orde; en het voorkomen van een verdere aantasting van het woon- en leefklimaat. 7.. Gelet op de vrees voor herhaling van de overtreding, wordt het niet opportuun geacht om – bij softdrugs in woningen van een hoeveelheid van meer dan voor eigen gebruik – te volstaan met een waarschuwing. Bij een eerste overtreding wordt dan ook direct een last onder bestuursdwang opgelegd. Hetzelfde geldt ten aanzien van hennepteelt, waarin sprake is van meer dan een kleine hoeveelheid voor eigen gebruik. 8.. Specifiek ten aanzien van de sluiting van een woning, wordt naast hetgeen hiervoor reeds is gesteld, in het kader van de verzwaarde motiveringsplicht ten gevolge van artikel 8 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, nog een aantal zwaarwegende argumenten genoemd om ook voor woningen het ‘one strike, you are out’ principe toe te passen, namelijk: de desbetreffende woningen worden vaak niet overeenkomstig de bestemming gebruikt; er is sprake van bedrijfsmatigheid; het voorkomen van het verplaatsingseffect. Bij een niet gelijke toepassing van de sluitingssystematiek, zal een nog sterkere verplaatsing naar woningen gaan plaatsvinden, met alle negatieve gevolgen van dien, zoals overlast, aantasting van de veiligheid op steeds meer plekken in de wijken en verloedering van de woonomgeving. 9.. Specifiek ten aanzien van hennepteelt wordt gesteld dat deze teelt een negatieve invloed heeft op het openbare leven en het woon- en leefklimaat en zorgt voor overlast, verloedering en verhoogd brandrisico door overbelasting van het energienetwerk en veelal gepaard gaat met uitkeringsfraude, belastingontduiking en energiediefstal. 10.. Specifiek voor harddrugs in lokalen kan worden overwogen om, vanwege de zeer ernstige inbreuk op de openbare orde en het feit dat ook nietsvermoedende bezoekers hieraan bloot worden gesteld, met toepassing van artikel 5:31 van de Algemene wet bestuursrecht geen voorafgaande last op te leggen. 11.. Als begunstigingstermijn wordt een periode van 24 uur aangehouden waarbinnen betrokkene(n) zelf in de gelegenheid is (zijn) om gehoor te geven aan de opgelegde last. Bij lokalen geldt dat binnen de eerste drie uur van deze 24 uur de klanten uit de inrichting dienen te worden verwijderd. 12.. Indien er feitelijk tot sluiting wordt overgegaan zal de woning c.q. het lokaal voor publiek ontoegankelijk worden gemaakt. 13.. De duur van de sluiting is afhankelijk van de overtreding en van de vraag of de woning c.q. het lokaal reeds eerder gesloten is geweest en varieert van een sluiting voor drie maanden tot een sluiting voor maximaal 36 maanden. 14.. Specifiek ten aanzien van huurwoningen kan worden gesteld dat een wijziging in de huursituatie in beginsel als niet ter zake doende wordt beschouwd. De ratio hierachter is dat een verhuurder niet met het plaatsen van een andere huurder onder de toepassing van bestuursdwang kan uitkomen. Het is immers op dat moment nog steeds noodzakelijk om de bekendheid van een dergelijk huurlokaal/huurwoning als drugsadres in het criminele circuit weg te nemen. Het enkel plaatsen van een nieuwe huurder garandeert in beginsel niet dat herhaling van een met de Opiumwet strijdige situatie voorkomen wordt. 15.. In geval van samenloop van een privaatrechtelijk traject door verhuurder, waarbij er sprake is van een geslaagde ontbinding van de huurovereenkomst, en een bestuursrechtelijk traject op basis van artikel 13b Opiumwet waarbij de huurwoning voor een bepaalde duur gesloten wordt, kan overwogen worden om bij het bereiken van de doelstelling van artikel 13b Opiumwet, de sluiting voortijdig op te heffen. 16.. Indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven kan met toepassing van artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht worden afgeweken van de in deze beleidsregel geformuleerde regels.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel