Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4.3

Weigeringsgronden

Onderdeel van Subsidieverordening dorpsorganisaties gemeente Berkelland

Voor zover een subsidie wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is goedgekeurd kan het college besluiten om de subsidie te verlenen onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld. Indien er van het begrotingsvoorbehoud gebruik wordt gemaakt, wordt dit vermeld in de beschikking tot subsidieverlening. De voorwaarde vervalt, indien het college niet binnen 4 weken na de goedkeuring van de begroting een beroep heeft gedaan op het begrotingsvoorbehoud. De subsidieverlening kan naast de in artikel 4:25, 4.34 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen geweigerd worden indien: de aanvrager niet kan voldoen aan de algemene verplichtingen zoals vermeld in artikel 2.1 van deze verordening; de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde; de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet passen binnen het ter zake door de gemeente gevoerde beleid en/of niet bijdragen aan de in het kleine kernenbeleid opgenomen doelstellingen; de activiteiten van de aanvrager niet specifiek gericht zullen zijn op de kern of niet aanwijsbaar ten goede komen aan ingezetenen van de kern; de aanvraag betrekking heeft op activiteiten van de aanvrager waarvoor het college of een ander reeds een subsidie aan de aanvrager heeft verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel